Rhizomebook


Boek XXXIX in Nuweland 


Uitnodiging  /  Martin Brandsma,Jan van der Til  /  Documentatie  /  Galerie Nuweland  /  Powerplustools  /  Catalogus


Tekst opening door Kie Ellens

We zien een komma

Beste Anke en Wiebren, dank uit naam van Jan en Martin voor mogelijk maken van de tentoonstelling. Beste Martin, beste Jan, dank voor jullie vertrouwen dat me hier bracht.

Negentiennegenenzeventig. Kunst studeren is een democratisch proces waarbij het leren in gezamenlijkheid gebeurt. Een groep studenten in een lokaal. Soms 24 uur achter elkaar, met elkaar in één ruimte, methodisch de conceptuele werking van het maken van kunst en de context ervan onderzoeken. Ik ontdek dat kunst, net zoals democratie, een werkwoord is. Een continu proces dat voortdurend aandacht en commitment vraagt en in een constante staat van ontwikkeling is, een evolutie. Ik maakte  het mee met Reindeer Werk. Tussen 1972 en 1980 was Reindeer Werk een samenwerkingsverband van Thom Puckey en Dirk Larsen.

Samenwerken is sindsdien niet alleen belangrijker maar ook noodzakelijker geworden. Alles wat nu gemaakt wordt zien we tegen een achtergrond van grote internationale onzekerheid in combinatie met sociale en klimatologische crises. Voedsel, water en energie zullen niet in voldoende mate aanwezig blijven. Kunstenaars hebben een rol in deze complexe context. Eén persoon maakt het verschil. Als je dit pathetisch vindt denk dan aan de acteur en komediant die Voldemort Zelensky was.

Martin en Jan werken volstrekt vanzelfsprekend op gebieden binnen als buiten de kunst. Martin verricht als ornitholoog onderzoek. Jan werkt steeds vaker met ecologen en politici nadat hij een stuk ongebruikte grond van Tuinwijck (volkstuinvereniging) omtoverde tot een “De Woeste Weelde”.

Niemand, dus ook de kunstenaar niet, kan echt alleen werken, en wie beweert dat wel te doen, verbergt andermans inbreng. Is het mogelijk om te werken met z’n tweeën, of met meer? Of is het juist onmogelijk om in je eentje te werken? Martin en Jan werken samen in Nuweland. Whats in a name. Hun tentoonstelling is een gebaar van grote generositeit. Ze delen hun gedachten met ons terwijl hun samenwerking nog gaande is en zich verder zal ontwikkelen. De beste generositeit is egoïstisch, ze geven ons de dingen die zij het meest voor zichzelf willen. Hoe moeten wij met deze vrijgevigheid omgaan? Het gaat nu over onze nieuwsgierigheid en generositeit, wij, de bezoekers van vandaag zoeken de wederkerigheid en kunnen slechts met de grootste nieuwsgierigheid de vergelijking in balans houden. Gun ons er net zo hard aan te werken.

De samenwerking tussen Martin en Jan is voelbaar als we hun websites bekijken. Om het verschil te duiden moet ik iets over taal zeggen. Ik doe een stap terug in de tijd. Met taal toon je de wereld. De Egyptenaren hebben met hun hiërogliefen een schrift met herkenbare afbeeldingen, iconen. Het Egypte van toen was een image-based society zoals wij dat nu ook weer in sterke mate zijn. Toen was een zon de zon, een ibis de ibis, een valk de valk en een scarabee een kever. Als gift en medereiziger werden ze gemummificeerd, klaar voor de reis naar het dodenrijk. Weten hoe je mummies maakt volstond.

Bij de vroege Grieken verschijnen letters. Uit noodzaak? Het verandert hun kijk op de werkelijkheid of was het omgekeerd? Met verschillende letters maak je een woord dat klopt bij wat je beschrijft. De letters nodigen uit tot opdelen, tot het ontleden van het echte ding. Ze waren de eersten in onze beschaving die doordat ze nieuwsgierig waren naar de onderdelen gingen ze ‘het ding’ ontleden. Ze wilden weten om het ding te leren kennen. Hoe werkt bijvoorbeeld een salamander, hoe werkt een slang.

Terug naar nu. Bekijk je de nieuwe websites van Martin en Jan dan zijn er zichtbare overeenkomsten. Om te beginnen is taal overal. Opsommingen met woorden zoals op de uitnodiging. Verliezen de kunstenaars zich in elkaar? Moet de authenticiteitsvraag in hun samenwerking gesteld worden? Herkenning verwijst hem naar het deurtje eigendunk. Er is meer verschil dan overeenkomst als inhoud sterker is dan middel. Jan’s nieuwste website sluit naadloos aan bij de vroege Grieken. Hij ontleedt er zijn eigen naam en maakt met de letters ervan alle woorden die je ermee kunt maken. Klik je op zijn website op zo’n woord dan verschijnt in Wikipedia de bijpassende info, klik je er nog eens op dan krijg je andere maar ook passende inhoud, bij elk woord zijn er kennelijk zillion mogelijkheden. Nooit zul je op dezelfde plaats terugkomen. Altijd kijk je anders naar de werkelijkheid. Martin omarmt dezelfde woorden maar ze beschrijven andere processen. De crux ligt voor hem bij het samenwerken. We zien een heel team waar ieder zijn eigen functie heeft. Wetenschap heeft toetsing nodig. Als een andere wetenschaper niet hetzelfde resultaat kan vinden klopt de thesis niet.

En nee, bij deze twee kunstenaars hoeft (en kan) de authenticiteitsvraag niet gesteld worden.

Aanbrengen, aandoen, aandragen, aangeven, aanklagen, … tot vormen, wekken, werven, zaaien, zetten lees ik op de uitnodiging. Een handleiding voor de tentoonstelling, een beschrijving van mogelijkheden? Loopt taal met ons mee? Hoe begrijpen we elkaar eigenlijk. Hoe snappen we taal?

Op 6 januari 1918 vroeg Krazy Kat zich hetzelfde af;

Why is Lenguage, Ignatz?

Language is so that we can understand one another

Is that so?

Yes that’s so

Can you unda-stend a Finn or a Leplender, or a Oshkosher; huh?

No-

Can a Finn, or a Leplender, or a Oshkosher unda-stend you?

No-

Then, I would say Lenguage is, that we may mis-unda stend each udda

Krazy Kat, Ignatz Mouse en Officer Bull Pupp verschenen dagelijks, van 1913 tot 25 juni 1944. De dialoog krijgt kleur als je de relaties tussen hen kent. Vertellen of niet. George Herriman verwierf er een plek in mijn hemel mee. Net zoals Jan en Martin bezat hij de kwaliteit om eindeloos maar zonder zichzelf te herhalen op een schijnbaar klein ding wist te focussen. Nou ja wat heet klein.

Taal is tricky, we denken te lezen wat er staat maar houden ondertussen het meest betekenisvolle voor een spel- of een typefout. Op de checklist van de tentoonstelling staat bij alle werken; Martin Brandsma,Jan van der Til. Dat kunnen we schrijven maar niet zeggen. Een werk getoond is hier niet een werk gemaakt. Martin Brandsma,Jan van der Til. Je kunt bij een komma ademhalen, het is de komma die je tijd gunt. Hier niet, hier komt na de komma geen spatie. Geen spatie geen ademtocht. Met letters leggen we een klank vast. Leestekens zijn geluidloos. Als je opschrijft wat je hoort krijg je alleen maar letters achter elkaar. Zoals hier: WheredoIendandyoubegin.

Al in de derde eeuw voor Christus vond Aristophanes van Byzantium de aaneengesloten woorden toch te lastig worden. Hij zette tussen alle woorden een punt en werd daarmee de bedenker van de interpunctie.

Taal is tricky, precisie is dus vereist. Op de uitnodiging staat een komma te weinig. Pijnlijk als precisie zo belangrijk is en ik weet hoe goed Jan daarvan doordrongen is. Vandaag maar ook alleen vandaag geeft dit niet. De fout is zowel een uitnodiging als mijn bestaansrecht. Sweater open en uit. Op mijn t-shirt een grote zwarte komma in het lettertype van de uitnodiging. Ik (als komma)sta nu tussen Martin en Jan in en tussen U en de tentoonstelling. Was ik een ‘en’ geweest, e,n dan keken we nu naar een duo-presentatie. Ik ben de consummate synapse, de perfecte synaps. Met de normale spatie was het geen synaps maar een opsomming van meerdere kunstenaars. Martin spatie BrandsmakommaJan spatie van spatie der spatie Til is de enig juiste schrijfwijze. Het definieert de tentoonstelling en is daarmee een oorkonde op maat voor een bovengemiddelde prestatie. Vele malen serieuzer dan je misschien denkt. De komma op de juiste plek is zonder dit alles al een zaak van leven of dood.

Bevrijd hem niet, hij heeft de dood verdiend.

Bevrijd hem, niet hij heeft de dood verdiend.

‘Komma’ kan meer. Als pauze en ademtocht ben ik een plaats van reflectie en een zelfportret van de tijd van ‘nu’ een tijd van doen. Op jacht naar inzicht in het Zelf. Op die jacht komen we haken en ogen tegen. De haken op de wand, zinnen uit Hangwerk? De opsomming op de uitnodiging neemt de regie weer over. Tussen de actieve werkwoorden is ruimte voor de makers (Sorry Jan, ik weet hoe je dit modewoord haat als bewijs van onzorgvuldigheid). Achtereenvolgens lezen we tussen de werkwoorden brandsma daarna der vervolgens jan dan martin dan til en tot slot van. Zij zijn degene die alle werkwoorden tot wasdom laten komen. Zij zijn weer terug in het werk.

Als we het over ‘ons’, hebben we het niet over ‘De Natuur’ Als we zeggen ‘we houden van de natuur’ waarom gaat dat dan meer over ons ‘houden van’ dan over de natuur. Is een natuurliefhebber dan tegen mensen?

Afbeeldingen zijn een universele taal geworden, steeds belangrijker voor de menselijke interactie. Kunstenaars zijn in deze visie het best uitgerust om de uitdijende stroom afbeeldingen te rangschikken en hun kracht zichtbaar te maken. Naast de genoemde komma is de kikker de tweede protagonist van Hangwerk. Ik zie het Isenheimer Altaar van Grünewald voor me. Waar de kikker is gespietst, is Jezus genageld. Voor welke zonde ook alweer? Eva at van de boom met kennis van goed en kwaad. Waren we een matriarchaat dan waren we sterker dan het patriarchaat wat we zijn geworden. Maar ja, Jezus was een man. Eva had durf en hunkerde naar groei door kennis. Lijden en verleiden liggen qua klank dicht bij elkaar maar niet qua betekenis, tenminste als je verleiden met ei schrijft. Het kost me ineens geen moeite om in de kikker Artemisia Gentileschi’s ‘Maria Magdalena in ectase’ te zien. De kikker voor het spietsen, zonder besef van het vervolg? Doe mij maar het matriarchaat.

Op deze CD staat de verantwoording voor zijn stipendium van 2012. De interviewer (dat is de vorm die Jan koos om zichzelf allerlei vragen te kunnen stellen) genereert het antwoord dat een tuin geen natuur is (Jan’s mening). Die Hof van Eden van voor de zondeval ook niet? Ik denk toen nog wel. Waarom? In een apocrief verhaal in de bijbel is de slang eigenlijk een salamander die voor straf zijn pootjes kwijtraakte. Deze salamander kreeg ik omstreeks dezelfde tijd van de dochter van Jan en Inge, haar naam? Eva. Ook eentje met durf, hunkerend naar groei door nieuw opgedane kennis maar vooral door in het leven te zijn.

Links een werk van Martin Brandsma, een door een klapekster gespietste prooi, een salamander. Rechts de salamander, geknoopt met kraaltjes, door Eva (jaren geleden).

Zichtbaar met de haken maar inhoudelijk op honderd verschillende manieren. Van Jan’s oneidige Wikipedia, door Martin’s team van wetenschapers zie ik kunst die door de werkelijkheid gedefinieerd wordt en zich in mijn en jullie wereld wortelt. Pas nu snap ik wat de crux van Hangwerk is. Alles is één dat had ik wel gezien. Zonder folie geen gat zonder geblindeerde ramen geen kijkvenster. Ik verbaas mezelf en val van mijn stoel, de crux van alles is het logo van Powertools. Het is de absolute kern van dit alles. Wat stom van mezelf. Alles is één. Hangwerk leeft in dezelfde werkelijkheid als wij met z’n allen. Dit is de echte kleine grote verbinder vandaag. Ik zei toch al dat Jan nog Martin zich druk maakten over de authenticiteitsvraag. Hell yes !


 

 

 

 

 

 

 

 

 

© 2013 - 2022 Rhizomebook | sitemap | rss | ecommerce software - powered by MyOnlineStore